Achteruit door het havenkanaal
De spoorboot naar Middelburg en later de PSD-boot legden in Zierikzee aan bij ’t Luitje, achterin de Nieuwe Haven. De ligplaats had één groot nadeel: de stad ligt niet aan open water, maar aan een havenkanaal van zo’n 2,5 kilometer. Zwaaien kon bij ’t Luitje alleen met voldoende water en dus voer de veerboot hele stukken van het kanaal achteruit. Voor de PSD-schepen die waren uitgerust met een koproer vormde dat geen probleem.
Verzanding en noodgrepen
Sinds in 1900 het Dijkwater als spuiboezem was afgedamd, verzandde het kanaal hardnekkig, constateert Hartman al in het gedenkboek van 1928. Bij laag water haalde de boot ’t Luitje soms niet. De Provincie sloeg daarom palen bij de kanaalmond om daar te kunnen meren, maar dan wachtte de reizigers een wandeling van 2,5 kilometer over de smalle Westhavendijk. Later lag een motorboot in de haven om passagiers over te brengen en in vroeger tijden haalde zelfs een hoogaars uit Kortgene reizigers op als de veerboot bij eb de stad niet kon bereiken. Comfort was er verder amper: het kantoor was aan huis bij de agent, een wachtkamer ontbrak en tegen de kaaimuur stond een houten trap die bij elke waterstand anders uitpakte. In oktober 1928 investeerde de Provincie nog wel in een open kolenbergplaats bij ’t Luitje, voor 1.557,87 gulden.
Ingehaald door De Val (1958)
Aan al dat gedoe kwam op 31 mei 1958 een einde, toen de nieuwe veerhaven van De Val direct aan de Oosterschelde gelegen openging. ’t Luitje bleef niet leeg achter: de RTM-rondvaartboot Stad Zierikzee meerde er vanaf 1966 af voor pleziertochten naar Veere.
Ligging
De kaart toont ’t Luitje in de Zierikzeese Nieuwe Haven, tot 1958 de aanlegplaats van de veerboot.
Foto's van 't Luitje (Zierikzee)
Het fotoarchief van PSDnet.nl telt 35 foto's van 't Luitje (Zierikzee), waarvan 25 uit de PSD-tijd en 10 van na de PSD.




