‘Bij gunstig weder’ (1866-1893)
Borssele begon als voetnoot in de dienstregeling. Op de afvaartlijst van juli 1867 verscheen voor het eerst de aantekening: ‘De stoomboot zal bij gunstig weder ook te Borsselen passagiers af- en aanzetten.’ Aanleggen was er niet bij: de passagiers gingen per roeiboot van en aan boord, wat lastig en soms ronduit gevaarlijk was. Een verzoek van 47 inwoners om een hoge veerdam sneuvelde in 1876 op de geraamde 7.000 gulden; in 1882 kwamen er wel twee extra meerpalen en een tweede roeiboot, samen voor 500 gulden, zo valt na te lezen bij Hartman.
De zwartste avond viel hier al in het allereerste jaar. Op 21 december 1866 voer de raderstoomboot Stad Vlissingen No.1 zich in opkomende mist vast op de oever bij Borssele en zonk. Het lichten van het schip kostte 10.440,21 gulden en het herstel werd niet meer de moeite waard geacht.
Een steiger aan de Staartnol (1893-1940)
Na jaren aandringen vanuit de omliggende dorpen besloten de Staten in november 1893 alsnog een steiger te bouwen, aan de Staartnol bij Borssele. Luxe werd het nooit: een wachtlokaal kwam er niet, reizigers schuilden in het koffiehuis op de dijk en de agent hield kantoor in een houten gebouwtje. Tot 1913 legde de boot van Vlissingen naar Hansweert er aan, daarna tot 1940 die van Vlissingen naar Terneuzen. Van de steiger is niets meer terug te vinden.
Ligging
De kaart toont Borssele aan het vroegere Sloe, waar tot 1940 de stoomboot passagiers afzette.
Foto's van Borssele
Het fotoarchief van PSDnet.nl telt 1 foto van Borssele, waarvan 1 uit de PSD-tijd.
