Home>Nieuws>PSD en de Watersnoodramp, een verslag van de directeur
PSD en de Watersnoodramp, een verslag van de directeur
31 januari 2026
Op de avond van 31 januari 1953 vertrok de veerboot Koningin Emma om 21.25u vanuit Terneuzen richting Hoedekenskerke. In die haven viel bij het aanmeren het eerste Zeeuwse slachtoffer van de Watersnoodramp. In dit rapport doet de toenmalige PSD-directeur verslag van de Rampnacht en de nasleep.
‘In een strikt zakelijk, maar daardoor juist indrukwekkend rapport heeft de directeur der Prov. Stoombootdiensten, de heer G.J. de Jonge, aan de Prov. Staten van Zeeland verslag uitgebracht van het gebeurde in de rampnacht van 1 Februari j.l.’, valt te lezen in het Zeeuwsch Dagblad van 27 februari 1953.
Wij zochten dit rapport op in het Zeeuws Archief (toegang 3134: Provinciaal Bestuur van Zeeland 1950-1991) en maakten het digitaal beschikbaar. PSDnet.nl is zo vrij geweest om het originele rapport te voorzien van tussenkopjes om de leesbaarheid te verbeteren online.
Zaterdag 31 Januari j.l., moest op de lijn Kruiningen-Perkpolder de dienst gestaakt worden van 15.50 uur tot 17.50 uur vanwege de hoge waterstand. Met het middagtij stond het water ± 50 centimeter op het haventerrein en is door de Rijkswaterstaat de waterkering bij het begin van het plateau gesloten. Toen het water weer was gezakt kon te 17.50 uur de dienst weer worden hervat.
1953: Vlissingen-Breskens
Op de lijn Vlissingen-Breskens hebben wij het gaande gehouden tot en met de reis van 16.55 uur, op de reis van 16.55 uur van Vlissingen naar Breskens stond er inderdaad zulk een hoge zee, dat de kapitein het niet verantwoord achtte om door te varen. In het stuurhuis werd een ruit stuk geslagen door de overkomende zeeën en werd een ruit in de deur, toeganggevende tot de 2e Klasse, eveneens stukgeslagen. Bij het binnenkomen van die reis te Breskens slingerde het schip hevig en kwam een dame, die zich uit de eerste Klasse salon naar het Promenadedek wilde begeven, te vallen en bleef liggen. Zij is ter plaatse verbonden, aangezien zij ook gewond was en constateerde de dokter, wiens hulp was ingeroepen, dat zij een schedelbasisfractuur had. Deze dame is per brancard naar ons kantoor gevoerd en verder overgelaten aan de zorgen van de dokter.
1953: Terneuzen-Hoedekenskerke
Verder heeft de dienst Terneuzen-Hoedekenskerke die dag normaal gefunctioneerd, totdat wij op de reis van 21.25 uur bij binnenkomen van de haven te Hoedekenskerke – het was toen ongeveer 22.15 uur – het ongeluk hadden, dat ons m.s. “Koningin Emma” bij het binnenlopen het loopbruggetje raakte achter het Westelijk remmingswerk. Op dit bruggetje stond de goederenklerk J. Leijs, die te water raakte. Zodra dit van het achterschip was doorgegeven, heeft de kapitein direct de machine gestopt, teneinde te voorkomen, dat genoemde Leijs een klap van de schroef zou krijgen. Waar het schip nog geen tros aan de wal had, woei het met de zware storm naar de overkant, waar wij tegen de dijk bleven zitten.
Wij hebben, rapporteert de kapitein, met de schijnwerper geregeld het water afgezocht en zagen Leijs ook tegen de wal aanspoelen. De dokter, die inmiddels geroepen was, heeft nog getracht de levensgeesten op te wekken, doch dit mocht helaas niet meer baten. Zodra ik bericht van de stranding kreeg, heb ik direct getracht sleepboothulp te krijgen, dit was evenwel onmogelijk, waar men noch vanuit Terneuzen, noch vanuit Hansweert met een sleepboot de Schelde op durfde te gaan. Tenslotte heb ik toen de kapitein telefonisch opdracht gegeven een lijn naar de overkant te brengen en daarmede het schip van de glooiing af te krijgen.
Zij het met zeer veel moeite is het tenslotte gelukt het schip van de glooiing te krijgen en is het direct teruggekeerd naar Terneuzen. Aankomende in de haven van Terneuzen zag de kapitein in het zoeklicht, dat de ponton niet meer op zijn plaats lag en al het licht op de ponton uit was. Hij is toen naar de W. havendam gelopen, liet aldaar zijn anker vallen, waarna hij de gelegenheid kreeg zich tegen de palen te laten zakken. Ik moet hierbij opmerken, dat deze kapitein op deze tocht wel getoond heeft een kapitein te zijn uit het beste hout gesneden. Toen hij los was in Hoedekenskerke kon hij aldaar niet meren, aangezien twee van zijn matrozen al dadelijk aan de wal waren, die aan het werk waren met de uitgebrachte tros. Hieruit blijkt, dat hij met zeer onvolledige bemanning zijn schip veilig in Terneuzen heeft binnengebracht. Waar het schip geen water maakt zal de averij waarschijnlijk ook niet groot zijn, aangezien het schip tot op heden zijn reizen op de vrijwel normale tijden volbrengt.
Op de lijn Vlissingen-Breskens hadden wij in de nacht van Zaterdag op Zondag vanzelfsprekend veel last van de hoge waterstand. Het schip kwam boven de palen van de aanlegplaats uit en heeft het personeel de ganse nacht werk gehad om het schip op zijn plaats te houden. Het enige wat gebroken is, zijn twee ijzeren koppen, welke op de palen zijn aangebracht.
1953: Kruiningen-Perkpolder
Te Kruiningen is het personeel van omstreeks 2.30 uur in de weer geweest om het schip op zijn plaats in de fuik te houden. Voortdurend is met de machine gedraaid om te voorkomen, dat het met de sterke stroom mee naar binnen werd getrokken. In de haven van Kruiningen was uit nood een tankschip binnengelopen, doch om 4.00 uur sloeg deze tanker los en dreef dit schip door het gat in de dijk de polder binnen. Met heel veel moeite heeft ons personeel de schipper, zijn vrouw en de knecht aan boord genomen. Omstreeks dezelfde tijd braken de meerkettingen van de “Prins Hendrik“, benevens drie draden, waarmede het schip nog was vastgemaakt. Het schip gierde heen en weer en waren wij bang, dat ook wij door het gat in de dijk naar binnen zouden slaan. De stroom was toen sterker dan de wind. De kapitein heeft evenwel het schip tot 8.00 uur v.m. in de fuik weten te houden en is eerst op dat moment de haven uitgevaren. Bij het uitvaren van de haven passeerde het schip nog een stuk zolder waarop man en vrouw zaten. Deze misten de toegeworpen lijn en kon hun alleen nog een zwemvest worden toegeworpen.
Deze zwemvesten hebben zij nog kunnen bemachtigen en zagen wij, dat zij tegen de Westdam dreven. De kapitein rapporteerde ook nog, dat hij voordat de tankboot door het dijkgat naar binnenging, eerst het s.s. “Willemsdorp“, dwars door de opening naar binnen sloeg. De “Prins Hendrik” is vervolgens naar Perkpolder gevaren, waar het schip gemeerd is. Hier bleek, dat de aanleginrichting in Perkpolder ook defect was.
1 februari 1953
Op Zondag 1 Februari hebben wij verder nergens een dienst kunnen onderhouden.
2 februari 1953
Maandag 2 Februari zijn wij begonnen met ons m.s. “Koningin Emma”, toen ons werd gerapporteerd, dat een groot gedeelte van het hout, welk de haven van Breskens als het ware blokkeerde, was opgeruimd. Nadat de “Koningin Emma” twee reizen had volbracht en het hout in de haven en in de fuik grotendeels was opgeruimd, mede zij de dank aan de hulp van de matrozen, die te Breskens woonachtig zijn, kon de dienst Vlissingen-Breskens te 13.55 uur weer normaal worden uitgeoefend.
Het m.s. “Prins Hendrik” bracht Maandagmorgen H.K.H. Prinses Wilhelmina naar Hoedekenskerke, waarna het schip doorvoer naar Vlissingen, teneinde eveneens ingezet te worden op de lijn Vlissingen-Breskens. Toen de “Koningin Emma” met het varen op Breskens klaar was, vertrok het naar Terneuzen en kon het vandaar uit nog een reis maken naar Hoedekenskerke.
3 februari 1953
Dinsdag 3 Februari werd de dienst Terneuzen-Hoedekenskerke weer voor het publiek beschikbaar gesteld met dien verstande, dat de eerste reis en de twee laatste reizen nu zijn komen te vervallen, aangezien de verlichting het niet toeliet deze dienst in het donker te onderhouden. Direct is de Rijkswaterstaat opgebeld met het verzoek de verlichting in Hoedekenskerke wederom in orde tebrengen en kregen wij de toezegging, dat zulks zo spoedig mogelijk zou gebeuren. Verder zijn wij direct begonnen op de binnenliggende schepen: “Kon. Wilhelmina“, “Prins Willem I” geheel vaarklaar te maken om zodra de buitensluis openging, deze schepen eveneens in dienst te kunnen nemen. Op 5 Februari hebben wij de “Prins Willem I” met spoed naar Zierikzee gezonden, teneinde daar te helpen met het evacueren van de bewoners van Schouwen-Duiveland. Het m.s. “Koningin Wilhelmina ging op 6 Februari naar buiten, teneinde te kunnen helpen op de lijn Vlissingen-Breskens. Vanaf het moment, dat de dienst Vlissingen-Breskens is hersteld, hebben wij gedurende de nacht vele extra reizen moeten maken teneinde verschillende colonnes zo spoedig mogelijk te kunnen overzetten.
1953: Kortgene-Wolphaartsdijk
De lijn Kortgene-Wolphaartsdijk kwam vanaf Zondag 1 Februari te vervallen, doch op Maandag 2 Februari werd aangevangen met varen van het traject Kortgene-Katseveer. Op deze dienst werden voorlopig vijf reizen heen en terug gemaakt.
1953: Veere-Kamperland
De lijn Veere-Kamperland werd eveneens Maandag weer in gebruik gesteld en wordt volgens de dienstregeling gevaren.
Jacob Leijs
Aan de voormalige veerhaven van Hoedekenskerke heeft de Dorpsraad een klein eerbetoon aan Jacob Leijs geplaatst. Leijs was de eerste persoon die in Zeeland om het leven kwam door de gevolgen van de Watersnoodramp en het enige slachtoffer in Hoedekenskerke.
Vaarstaten 1953 beschikbaar
Eind vorig jaar publiceerde PSDnet.nl alle vaarstaten over de periode 1946-1955. Deze data geeft een interessant beeld over de PSD en de (nasleep) van de Watersnoodramp. Als we kijken naar de maand januari 1953, dan zien we bijvoorbeeld dat de veerboot Koningin Juliana bij de werkplaats lag op 31 januari 1953. Het is dus de Prins Bernhard geweest waar een stuurhuisraam van ingeslagen werd door een golf zoals directeur De Jonge beschrijft. In de periode na de Rampnacht zien we diverse gehuurde schepen opduiken in de vaarstaten en zijn ook nieuwe, tijdelijke veerdiensten te zien, zoals beschreven in ons vorige artikel.
Dit bericht ('PSD en de Watersnoodramp, een verslag van de directeur') is geplaatst in de categorie PSD en heeft als tag(s) Hoedekenskerke. Klik op de categorie of tags om meer soortgelijke berichten te bekijken in ons nieuwsarchief (2003-2026). Hieronder kunt u navigeren tussen de verschillende nieuwsberichten. U bent nu hier:
Berichtdatum: 31 januari 2026
PSD en de Watersnoodramp, een verslag van de directeur