‘Fast Ferry’ Prinses Juliana

Nadat de autoveerdiensten werden opgeheven ging de veerdienst Vlissingen-Breskens door als voetveer. Tot mei 2004 werd gevaren met de voormalige PSD-boten Beatrix en Friso. Weinig mensen weten dat in het prilste begin van het voetveer gevaren werd met de Prinses Juliana, tot precies 15 jaar geleden.

De geschiedenis van het voetveer Vlissingen-Breskens is nog maar kort en toch kan je er al een boek mee vullen. De SWATH-schepen hebben flink wat problemen gehad en dus werden er andere schepen geregeld om in te vallen. Bijvoorbeeld de Stad Terneuzen in 2006, inclusief gezellige bar en scheepshond. Of wat te denken van de voormalige waddenveerboot Rottum – met hetzelfde bouwjaar als de PSD-enkeldekker Prinses Irene (1960) – als reserveboot in 2008. Ook in het tijdperk van voor de SWATH-veerboten werd het voetveer geplaagd door problemen en moest er een invaller komen.

BBA Fast Ferries is de eerste exploitant van het voetveer en begint de dienst op 15 maart 2003, de PSD-afscheidsdag. Die dag vaart de Prins Johan Friso (1997) na de laatste vaarten direct naar Scheldepoort voor reparaties aan een thruster. Dat betekent dat het voetveer Vlissingen-Breskens aangewezen is op de Koningin Beatrix (1993). Geen probleem nog, want in het weekend vaart BBA met één schip een uursdienst. Het uitvallen van de Friso zou de volgende maandag wel voor uitval van afvaarten zorgen. Als er geen oplossing verzonnen wordt.

Die oplossing komt op 16 maart 2003 vanuit Kruiningen naar Vlissingen varen: de PSD-veerboot Prinses Juliana (1986). De PSD-schepen zijn vanzelfsprekend eigendom van de Provincie Zeeland, die de twee nieuwste schepen in bruikleen gaf aan BBA Fast Ferries. Aangezien de drie oudste schepen nog niet verkocht waren, kon de Provincie makkelijk beslissen een andere veerboot uit te lenen aan BBA.

De keuze voor de Prinses Juliana was de meest logische. Het schip werd immers gebouwd voor de veerdienst Vlissingen-Breskens, maar kwam door vlootvernieuwingen vanaf 1997 terecht op de dienst Kruiningen-Perkpolder. Tussen 17 maart 2003 en 4 april 2003 vaart de Prinses Juliana samen met de Koningin Beatrix tussen Vlissingen en Breskens, als voetveer dus.

Precies 15 jaar geleden, op 4 april 2003, is de ‘blessuretijd’ voorbij voor de Prinses Juliana en wordt het schip afgemeerd bij de Prinses Christina (1968) en de Prins Willem-Alexander (1970) in de Vlissingse Binnenhaven. De Provincie kan geen beroep doen meer op de schepen omdat ze op 29 maart 2003 zijn verkocht aan de Italiaanse redersfamilie Matacena. In de zomer van 2003 vertrekken de schepen naar Italië en blijven de Koningin Beatrix en Prins Johan Friso alleen achter in Zeeland.

De problemen met de Prins Johan Friso zijn opgelost, maar op 2 februari 2004 ontstaan er problemen met de elektromotoren. De Friso gaat opnieuw uit de vaart. Pas op 15 april 2004 komt de dubbeldekker weer in de vaart, met nog krap twee weken te gaan tot het definitieve einde van het dubbeldekstijdperk.

Met dank aan Willem Kruit voor de foto’s van de Prinses Juliana als BBA-voetveer.

Dit vind je misschien ook leuk...