Toen en nu: Vlissingen (2)

In Zeeland herinnert niet veel meer aan de PSD-veerdiensten, maar met goed zoeken zijn er altijd sporen te vinden. Vandaag in deze serie: Vlissingen (2). Lees ook eens de oude delen terug.
In het vorige deel kwam de PSD-terminal van Vlissingen aan de orde en de dubbeldeksveerboot Prinses Juliana. Tot 1986 was de veerdienst Vlissingen-Breskens alleen geschikt voor enkeldeksveerboten, bijvoorbeeld de drie zogenaamde Prinsessenboten: de Prinses Beatrix (1958), Prinses Irene (1960) en de Prinses Margriet (1964) op de foto rechts. Voor deze drie bijna identieke zusterschepen werd in 1958 een nieuwe veerfuik en aanleginrichting aangelegd in Vlissingen.


1958 & 2015 | © Beeldbank RWS / psdnet.nl

De ontwikkeling van de veerdienst Vlissingen-Breskens ging snel vanaf 1958, de drie Prinsessenboten hadden elk een groot rijdek van 1300m2, inclusief twee zijgangen voor personenauto’s. Toch werden er eind jaren 60 alweer nieuwe plannen gemaakt voor de volgende uitbreiding: dubbeldeksschepen.

In 1968 kwam de eerste PSD-veerboot met twee rijdekken in de vaart, de Prinses Christina voor de dienst Kruiningen-Perkpolder. Ook werd in 1968 de opdracht gegeven voor een tweede dubbeldeksveerboot. Het plan was om dit schip in te zetten op de veerdienst Vlissingen-Breskens. Daar zouden in 1971 geschikte aanlegplaatsen worden aangelegd en niet alleen dat: naast de Vlissingse Buitenhaven zou een nieuwe veerhaven moeten verschijnen.
De Zeeuwse politiek was terughoudend over de plannen, de bouw van een nieuwe veerhaven in Vlissingen werd vrij snel afgeblazen en ook een dubbeldekker voor Vlissingen-Breskens kwam er nog niet. In de jaren 70 waren er al vergevorderde plannen om een vaste oeververbinding aan te leggen, in de vorm van een brug-tunnelcombinatie tussen Kruiningen en Perkpolder. De eerste twee dubbeldeksveerboten zouden vervolgens kunnen gaan varen tussen Vlissingen en Breskens.

Tekst loopt door onder de foto’s.


© Zeeuwse Bibliotheek / Beeldbank Zeeland / W. de Bruijne | De nieuwe veerboot Prinses Irene in 1960 in Vlissingen.

De laatste enkeldekker van de PSD, de Prinses Margriet, werd eind 1995 uit de vaart genomen. In dat jaar zijn er al twee dubbeldeksschepen gebouwd voor de dienst Vlissingen-Breskens: de Prinses Juliana (1986) en de Koningin Beatrix (1993). De komst van de Westerscheldetunnel wordt steeds meer een zekerheid, maar tot de opening moeten de veerdiensten wel blijven varen.

De komst van de dubbdeldekker naar Vlissingen-Breskens vormt ook het einde van de kleinste enkeldeksschepen van de PSD: de Koningin Juliana (1949) en de Prins Bernhard (1950).

Kleine enkeldeksschepen


1985 & 2015 | © J.C. Willemsen / psdnet.nl

Tijdens de verbouwing in het bijzondere PSD-jaar 1985 moeten de twee kleinste en oudste PSD-schepen ruim een halfjaar de dienst uitvoeren. Dit kon omdat deze schepen de oudste fuik en aanleginrichting gebruikten, oorspronkelijk gebouwd in 1927 voor de eerste koplader van de PSD.

Wie onderstaande foto vergelijkt met de foto’s van het laden van de Prinsessenboten valt meteen op dat de brug naar de veerboot minder breed is. Slechts één rijbaan was beschikbaar, extra opletten was het met de voetgangers en fietsers op het smalle trottoir.


© Zeeuwse Bibliotheek / Beeldbank Zeeland

Deze aanleginrichting werd eind jaren 80 gesloopt en de fuik halverwege de jaren 90 gedempt. Tegenwoordig zitter er vaak vissers op de kade waar vroeger ‘de kleine fuik’ was, zoals de aanlegplaats werd genoemd door de PSD. Ook de PSD gebruikte dit terrein in de jaren 90 en daarna. Er werden meerpalen opgeslagen, voor wanneer een veerboot in botsing kwam met de meerpalen van de grote fuiken.

Dit vind je misschien ook leuk...