Deel 2: Verscholen in het vooronder

Op 12 april komt de oudste nog bestaande PSD-veerboot terug naar Nederland. Een unieke gebeurtenis. In dit kader beschrijft psdnet.nl in drie delen de rijke geschiedenis van dit schip, de voormalige Westerschelde uit 1905. Vandaag het tweede deel met aandacht voor De Zwaan in oorlogstijd.

Schipper Kees Zwaans

Kees Zwaans Toen de voormalige Zeeuwse veerboot in Limburg aankwam werd de oudste zoon van de eigenaar schipper op De Zwaan. Kees Zwaans was 23 jaar oud toen hij deze taak aanvaarde. Samen met zijn vrouw Lisa Driessen regelde hij de zaken op de bunkerboot. Niet veel later breekt echter de Tweede Wereldoorlog uit en verandert de situatie. Kees wordt in mei 1940 opgeroepen om te dienen bij de Vaartuigendienst. Als hij terugkeert in Limburg besluit hij zich aan te sluiten bij het verzet.
In het vooronder van De Zwaan richten Kees en zijn vrouw een verblijfsruimte in voor onderduikers. Deze geheime ruimte kan betreden worden via een wc-hokje op het voordek met daarin een draaibare toiletpot.
In de ruimte daaronder valt alleen wat licht door de patrijspoorten op het bed en een kleine toiletruimte. Al snel komen de eerste onderduikers aan boord, bijvoorbeeld Joden, piloten en werkweigeraars. Op het drukste moment bevinden zich 23 mensen aan boord: 14 in het vooronder van het bunkerschip en 9 in het ‘achteronder’. Kees en Lisa waren dan ook druk bezig met verzamelen van genoeg voedselbonnen om deze gasten te kunnen voeden, en kregen daar hulp bij van andere leden van het lokale verzet.

Razzia’s en gevaar

image
© A.J. Bekker | De schilder was hoofd van de schippersschool in Born en maakte dit werk van De Zwaan in 1936.

Het was natuurlijk niet zonder gevaar om in oorlogstijd zoveel mensen aan een onderduikplaats te helpen. In de zomer van 1944 werd een onderduiker aan boord genomen, waarvan achteraf blijkt dat hij met de vijand heulde. Deze man heeft de onderduikers verraden bij de bezetter. De Duitse bezetters gingen twee dagen later naar De Zwaan en voerde een razzia uit. Een aantal onderduikers werd getipt toen ze op weg waren naar het schip. Door in de tanks met olie te springen, en daar een dag te blijven wachten konden de onderduikers op De Zwaan ontkomen aan de Duitsers. De olietank werd ook wel ‘de hel’ genoemd. De bezetter een aantal keer teruggekeerd, en hebben de Duitsers met een bootje rond het schip gevaren voor nadere inspectie, maar nooit zijn er onderduikers ontdekt.
Wel moesten Kees en Lisa in juli 1944 zelf onderduiken, mede omdat het door het ronselen van voedselbonnen en verdenkingen te gevaarlijk werd aan boord, maar ook de veiligheid van de onderduikers speelde mee. Toen Limburg werd bevrijd waren alle onderduikers in veiligheid. De laatste familie kon in Sittard worden ondergebracht en Kees Zwaans kon met Lisa weer veilig terugkeren aan boord van de voormalige Westerschelde. Schipper Kees blijft zich inzetten voor de goede zaak, door voor de Opsporingsdienst ‘foute’ mensen te lokaliseren.

Tragisch ongeluk

Op 13 maart 1945 rijdt Kees echter met zijn motor tegen Amerikaanse legertruck aan en raakt daarbij zwaargewond. Een dag later overlijdt aan de gevolgen van dit tragische ongeluk in het ziekenhuis van Sittard. Na de oorlog stelt Shell voor dat het bunkerschip in Zwijndrecht komt te liggen. Als het schip daar in 1964 wordt vervangen door een groter exemplaar, komt De Zwaan in handen van reder Schless die het schip in Zaltbommel legt, wederom als bunkerboot. Tot 1987 ligt het schip daar, waarna het verkocht wordt aan een sloper in het naburige Zuilichem.

Lees hier deel 3 in deze serie.

Dit vind je misschien ook leuk...