Koningin Emma

Op 14 oktober 1932 werd de opdracht gegeven voor de bouw van de Koningin Emma. De moderne zijlader voor de Provinciale Stoombootdiensten in Zeeland werd op 20 november het jaar daarop afgeleverd. De Emma voer voor de oorlog voornamelijk op de dienst Hansweert – Hoedekenskerke – Terneuzen. Het ontwerp van de veerboot was zeer modern, net als de Schelde-Sulzer direct-omkeerbare 2t diesel. Samen met twee zusterschepen verving de veerboot oudere stoomschepen als de Zeeuwsch Vlaanderen en de Noord Beveland die een nieuwe carrière tegemoet gingen in dienst van Rederij Doeksen.

Het ontwerp

De Koningin Emma in Terneuzen, jaren 30 Bij het ontwerp is er meer rekening gehouden met het vervoer van auto’s, door een groter achterdek te maken waar met enig pas en meet werk een aantal auto’s konden staan. Door de puntige voorsteven werden de drie veerboten ook wel ‘puntboten’ genoemd. Op de schuine achterkant was een groot gietijzeren wapen van de Provincie aangebracht. De naam van het schip stond op een houten bord aan de voorkant van de kajuit.

Proefvaart

Een eerste proefvaart tussen Hoedekenskerke en Terneuzen werd gemaakt op 1 september 1933. Op 6 september werd een tweede proefvaart gemaakt met de nieuwe Koningin Emma. Binnendoor werd naar Zierikzee gevaren, alwaar een verkeerde manoeuvre werd gemaakt doordat de bemanning nog niet ingespeeld was met de nieuwe aanwinst. Het gezelschap dat de proefvaart meemaakte keerde buitenom terug met de Emma naar Vlissingen, waarbij genoten werd van de Walcherse duinen.

Het wapen van de Provincie Zeeland, achterop de veerboot Een van de eerste klusjes voor de nieuwe veerboot was eind 1933 invallen voor de Prins Hendrik tussen Hansweert en Walsoorden, aangezien eerstgenoemde veerboot machineschade had opgelopen. De Emma voer in de jaren 30 tussen Hoedekenskerke en Terneuzen. Zo verrichte de veerboot in 1938 een bijzondere actie door een tijdens slechtweer in problemen verkerende beurtschipper op sleeptouw te nemen richting Terneuzen.

Hulpmijnenlegger II

Op 4 september 1939 werd de Emma gevorderd door de Marine en kwam ze in dienst als hulpmijnenlegger. De veerboot kreeg de naam Hulpmijnenlegger II. Bijna op alle PSD veerboten werden grote aantallen Franse troepen vervoerd tijdens de meidagen. De Koningin Emma werd door middel van een springlading onklaar gemaakt in de haven van Breskens, net als de Prinses Juliana, Prins Hendrik, Ooster-Schelde en de Prins Willem I.
De Koningin Emma na de verlenging in Zierikzee Toch heeft de Koningin Emma de oorlog redelijk doorstaan, samen met de Koningin Wilhelmina. Om het tekort aan veerboten op te vangen had de Provincie andere veerboten gehuurd om toch te kunnen varen, vaak onder moeilijke omstandigheden als beschietingen. Na de oorlog voer de Koningin Emma voornamelijk op de Oosterschelde.

Na de oorlog

Door het toegenomen vrachtverkeer besloot men midden jaren 50 de Koningin Emma met 10 meter te verlengen zodat er meer auto’s vervoerd konden worden op het achterdek. Ook werd de achtersalon weggelaten, alleen de trap naar de op het bovendek gelegen salon bleef aanwezig.

De Stoomvaart op Middelburg Hierdoor konden zowel aan bak als stuurboord nog auto’s staan aan de zijkant. Het personeel van de Provinciale Stoombootdiensten maakte er een sport van zoveel mogelijk auto’s aan boord te krijgen. Men schuwde er niet voor een kleine personenwagen des noods met een paar man op te tillen om een klein gaatje op het achterdek te vullen.

Zeelandbrug

Bij de laatste afvaart kregen passagiers een speciaal tegeltje aangeboden. 1965 was het laatste jaar van de Oosterschelde veerdienst. De Oosterscheldebrug naderde zijn voltooing en Schouwend-Duiveland was bijna definitief verbonden met Noord-Beveland. Op 14 december 1965 werd voor de laatste keer tussen Kats en De Val gevaren, de Oosterscheldebrug werd de volgende officieel geopend. Bij de laatste afvaart kregen passagiers door de Zeeuwse landbouw een speciaal delftsblauw tegeltje aangeboden. Hieronder beelden uit het Polygoon journaal over de opening van de Oosterscheldebrug. Te zien is hoe de ‘stoompont’, wat natuurlijk niet waar is voor de laatste keer vaart.

Verkoop

Het schip werd overbodig en is op 10 november 1968 verkocht, waarna ze dienst deed als logementsschip. De naam werd veranderd in Emma en het schip lag bij de oude veersteiger in Wolphaartsdijk. In 1974 werd de naam gewijzigd in Estralla Del Sur, en deed ze dienst als een nachtclub in Rotterdam. Aan boord vonden wel erg duistere zaken plaats die meer in de hoerenbuurt thuishoorden, Schuttevear berichtte hierover. Daarna werd het schip gekocht door Rederij Vrolijk uit Scheveningen, die de nu Estrella genoemde veerboot inzette voor de sportvisserij. Tegenwoordig vaart de veerboot nog steeds vanuit Scheveningen.

De Koningin Emma als Estrella in Scheveningen.